
Er staan al roodwitte hekken, witte borden met rode randen, een lichtkrant met informatie en gele aanwijzingsborden die melden dat je met je auto niet verder kunt en om moet keren. Tevergeefs.
Dus komt er zwaarder geschut, in de vorm van drie mannen in oranje overals die naast het hek voor het station een stevige kuil graven. In die kuil laten ze, met behulp van de kraan op hun pick up, een paal van toch al snel een metertje of zes, zeven zakken. Beetje sjorren, beetje duwen. Wanneer ze tevreden zijn, gooien ze met energieke gebaren het gat weer dicht, stampen de grond rond de ijzeren paal lekker aan en voelen nog eens of het allemaal stevig genoeg staat. Dat staat het. Waarop ze uit de laadbak van de pick up een bijna manshoog bord takelen. Kloeke zwarte letters op een oogverblindend gele ondergrond. Even zweeft het gevaarte tastend in de lucht, dan geleidt één van de mannen het met vaste hand naar de gereedstaande paal en schroeft het daaraan vast.
‘Bouwlocatie station toegang S1’ staat erop. Met daaronder: ‘Kiss & Ride achterzijde station’. De eerste mededeling komt wat raadselachtig over, de tweede is helder. De mannen leunen dan ook tevreden naar achteren als het bord in zijn volle vermanende glorie ten hemel rijst. Om niets aan het toeval over te laten, halen ze uit hun auto nog een pot verf en een rollertje en schilderen ze de paal blinkend wit.
Het effect is als van een kiezelsteen in een snelstromende bergbeek. Niets. Sterker, de voet van het bord blijkt de perfecte plek om te zoenen en te rijden. Te midden van stromen fietsers die tussen stilstaande auto’s, gele borden en roodwitte hekken laveren. Zonder enige vorm van protest.
Op een of andere manier stelt het beeld me enorm gerust.
Jos Lammers - tekstschrijver en auteur van kinderboeken en reisverhalen.
| www.flickr.com |