Grondwater speelt een belangrijke rol in ondergrondse bouwprojecten. Bij de bouw van de Spoortunnel wordt daarom rekening gehouden met de specifieke situatie van bodem en grondwater in Delft.
Het grondwater in Delft staat hoog, net als in de meeste steden in het westen van het land. De Delftse bodem heeft in de bovenste 20 meter grofweg drie lagen; twee lagen zand met daartussen een laag ingeklonken veen en klei, die slecht water doorlaat.
De waterdruk in de diepe zandlaag is gering doordat daar DSM water wegpompt. Ook de slecht doorlatende tussenlaag is belangrijk: als er gaten in ontstaan, kan grondwater bewegen tussen de lagen en het bestaande evenwicht verstoren.
Gevolgen voor de bouw in de Spoorzone
Onderzoek wijst uit dat grondwaterstromen geen bijzondere problemen voor de bouw opleveren.